Breuken - Groep 1

Een breuk is een wiskundig getal dat aangeeft hoeveel delen van een geheel iets zijn. Het bestaat uit twee delen: de teller (boven) en de noemer (onder). Hoe vereenvoudig je een breuk, hoe tel je breuken op, hoe vermenigvuldig je ze en hoe kun je breuken delen? Hoe maak je breuken gelijknamig? In groep 6 (soms al in groep 5) wordt er gestart met het leren van breuken. Met de onderstaande leermiddelen kun je leren rekenen met breuken en breukensommen oefenen.

Winkel op
Filteren
Toon als rooster Lijst

11 artikelen

per pagina
Filteren
Toon als rooster Lijst

11 artikelen

per pagina

Breuken oefenen

Er zijn verschillende leermiddelen en methodes die kunnen helpen bij het oefenen van breuken. Voor kinderen kan het oplossen van breuken met behulp van de leermiddelen visueel en tastbaar gemaakt worden.  Maak het oefenen met breuken niet alleen een opdracht, maar ook speels en minder abstract door te werken met bijvoorbeeld Magnetische breukencirkels. De verschillende varianten van breuken en hoe ze op te lossen kan worden aangeleerd aan de hand van een stappenplan en daarmee kan er voorkomen worden dat het oplossen van breuken een struikelblok wordt. Het oefenen van breuken kan in de klas of thuis bijvoorbeeld met Rekentorens - Equivalenten

Lesmateriaal voor rekenen met breuken

Rekenen met breuken is een deel van de nieuwe stof in groep 6. Een handig hulpmiddel om te gebruiken in het begin is Spiekmaatje rekenen middenbouw - Lesmaatje. Hier beginnen leerlingen met de basis van breuken. Ze leren wat het zijn en wat de teller, de noemer, de breukstreep en de stambreuk zijn. Naarmate ze hiermee vertrouwd raken gaan ze breuken vereenvoudigen. In de lessen proberen ze bijvoorbeeld breuken zo klein mogelijk te maken. Een 4/6 wordt een 2/3 en een 4/16 wordt een 1/4. Vervolgens gaan ze leren hoe ze breuken gelijknamig moeten maken. Dit is om op te bouwen naar het optellen en aftrekken met breuken, wat voor veel leerlingen aan het einde van groep 6 vanzelfsprekend is geworden.

In groep 7 wordt het rekenen met breuken weer verder uitgebreid. De leerlingen beginnen met helen uit een breuk te halen. 6/5 wordt bijvoorbeeld 1 1/5. Wanneer ze dat onder de knie hebben gaan ze aan de slag met het vermenigvuldigen van breuken. Dit gebeurd op meerdere manieren. Hele getallen vermenigvuldigen met breuken, breuken vermenigvuldigen met breuken, gemengde breuken vermenigvuldigen met een heel getal, gemengde breuken vermenigvuldigen met gemengde breuken en nog wel meer. Daarnaast gaan de kinderen in groep 7 ook delen met breuken. Dit gaat niet zo diep als het vermenigvuldigen met breuken. Ze leren breuken delen door breuken, breuken delen door hele getallen en gemengde breuken delen door een breuk.

Het rekenen met breuken in groep 8 is een verdieping van de lesstof die de kinderen geleerd hebben in de voorgaande jaren. Er komen in dit jaar geen nieuwe vormen van rekenen met breuken aan bod. De leerlingen krijgen in groep 8 grotere sommen waardoor ze meerdere strategieën moeten gebruiken om één rekensom met breuken uit te kunnen rekenen.

Scroll to top