Concentreren - VO onderbouw
Op school is het heel erg belangrijk dat kinderen zich kunnen concentreren. Het concentratievermogen is verschillend per kind; dit komt doordat het concentratievermogen mede biologisch is bepaald. Het ene kind kan zich hierdoor makkelijker concerteren dan het andere kind. Het concentratievermogen kan geoefend worden en zodoende ook verbeterd worden. Op Educatheek vind je de beste hulpmiddelen om te oefenen met het concentratievermogen.
Concentreren
Concentratie kan gedefinieerd worden als: de mate van aandacht die iemand bij een opdracht kan houden. Concentratie valt onder de cognitieve psychologie. De ontwikkeling van de concentratie wordt dan ook een cognitieve ontwikkeling genoemd. De informatie die verwerkt wordt in de hersenen beïnvloed de cognitieve psychologie, dus ook het concentratievermogen. Er zijn verschillende vormen van concentratie. Vooral de gedeelde aandacht en de gerichte aandacht zijn hierbij erg belangrijk. Bij gedeelde aandacht moet er geconcentreerd worden op verschillende handelingen, een goed voorbeeld van gedeelde aandacht is autorijden. Bij autorijden moet er geconcentreerd worden op verschillende handelingen, zoals: remmen, gasgeven, voorruitkijken, achteruitkijken en de knipperlichten aan en uit doen. Bij gerichte aandacht moet er concentratie zijn voor één handeling, zoals het maken van een opdracht.
Concentratievermogen
Jonge kinderen kunnen zich vaak nog moeilijk concentreren en worden snel afgeleid door andere zaken. Het concentratievermogen van kinderen wordt steeds beter en is maximaal op jongvolwassenleeftijd. Naarmate mensen ouder worden neemt het concentratievermogen weer af. Baby’s van 0 tot en met 12 maanden kunnen zich nog niet echt concentreren, wel maken de baby’s een grote ontwikkelingen door gedurende deze periode. Als een baby 10 tot 12 maanden uit is, is de gemiddelde concentratie ongeveer 1 minuut. Kinderen die 2 jaar oud zijn kunnen zich gemiddeld 2 tot 3 minuten concentreren op een gerichte opdracht. Kinderen die 4 jaar oud zijn kunnen zich gemiddeld 4 tot 6 minuten concentreren op een gerichte opdracht. Kinderen die 5 jaar oud zijn kunnen zich gemiddeld 6 tot 8 minuten concentreren op een gerichte opdracht. Vaak lijkt het of kinderen in de leeftijdscategorie van 1 tot en met 5 jaar oud zich veel langer kunnen concentreren, soms wel een half uur lang. Maar er is in groot verschil in of een kind bezig is met vrij spel of dat een kind aan het werk wordt gezet met een gerichte opdracht. Als een kind bezig is met vrij spel is de concentratie vele malen hoger dan bij een gerichte opdracht. Kinderen die 6 jaar oud zijn kunnen zich gemiddeld 10 minuten concentreren. Kinderen die 8 jaar oud zijn kunnen zich gemiddeld al 15 minuten concentreren. Kinderen die 10 jaar oud zijn kunnen zich gemiddeld 20 minuten concentreren. Kinderen die 13 jaar oud zijn kunnen zich gemiddeld 30 minuten concentreren. Hoe ouder een kind is, hoe langer het concentratievermogen hoort te zijn. Dit laat ook zien dat de mate van concentratie ook van invloed is op het totale leerproces (Concentratie, 2017).
Concentratieproblemen
Er zijn verschillende oorzaken waardoor sommige kinderen zich minder goed kunnen concentreren. Kinderen kunnen zich minder goed concentreren als ze in hun hoofd te druk zijn met andere zaken, dit kunnen leuke of minder leuke zaken zijn. Zo kan een kind zich minder goed concentreren als hij/zij erg druk is over zijn/haar verjaardag of als er problemen thuis zijn. Hoe het kind zich op dat moment voelt is ook van grote invloed op de concentratie. Als een kind last heeft van ziekte, ruzie en/of onzekerheid heeft dit ook invloed op de concentratie. De mate van de concentratie is ook afhankelijk van de motivatie, hoe gemotiveerder een kind is des te groter zal de concentratie zijn. Kinderen met ADHD, ADD en/of faalangst kunnen zich ook minder makkelijk concentreren (Drs. De Vos, Concentreren, soms heel lastig, 2010). Sommige kinderen hebben last van concentratieproblemen. Er wordt gesproken van een concentratieprobleem als: een kind steeds weer moeite heeft met concentreren, de concentratie op de verkeerde dingen wordt gericht of als het kind wel begint met een geconcentreerde werkhouding maar de concentratie maar kort kan vasthouden. De oorzaak van de concentratieproblemen hoeft niet per se het kind te zijn, de omgeving van het kind kan ook voor concentratieproblemen zorgen. Oorzaken in de omgeving kunnen zijn: te veel lawaai, te druk en vol ingericht, de onderwijssituatie, als de leerkracht niet genoeg structuur in de lessen brengt of als de thuissituatie onrustig is. Als er bij een kind een concentratieprobleem vermoed wordt, is het belangrijk om eerst naar de oorzaak van het concentratieprobleem te gaan kijken (Drs. De Vos, Concentreren, soms heel lastig, 2010).
Het hebben van een concentratieprobleem kan voor veel negatieve gevolgen zorgen. Kinderen met concentratieproblemen hebben een grote kans dat zij de leerstof niet helemaal zullen begrijpen doordat zij mogelijk de uitleg maar half meekrijgen en de opdrachten maar half afkrijgen. Kinderen met concentratieproblemen hebben een grote kans op een negatief zelfbeeld en frustratie. Als kinderen hier last van hebben zal de motivatie ook verder afnemen. In sommige gevallen kan een kind met concentratieproblemen niet begrepen worden door de rest van de klas. Het kan zo zijn dat het kind de andere kinderen uit de klas gaat afleiden. Als dit niet begrepen wordt door de andere kinderen uit de klas kunnen er sociale problemen ontstaan (Drs. De Vos, Concentreren, soms heel lastig, 2010).
Concentratie verbeteren
Er zijn meerdere mogelijkheden om ervoor te zorgen dat kinderen zich beter kunnen concentreren. Ten eerste is het belangrijk dat er wordt onderzocht waar de concentratieproblemen vandaan komen. Door de activiteiten en taken van het kind af te wisselen, zal de concentratie ook verbeteren. Uit onderzoek van de Open Universiteit is gebleken dat beweging ook helpt bij het verbeteren van de concentratie. Door (geheugen)spelletjes te spelen met kinderen zal de concentratie ook verbeteren. Ook kan het helpen om een grote taak op te splitsen in meerdere kleine taken. Zo worden de taken beter te begrijpen en overzichtelijker voor kinderen. Door bepaalde taken in spelletjes te veranderen, kan een kind zich ook beter concentreren. Het kan bijvoorbeeld helpen om met een stopwatch bij te houden hoe lang het kind over een bepaalde taak heeft gedaan. Het kind wil het de volgende keer nog sneller doen, waardoor de concentratie zal moeten toenemen. Een compliment of een beloning geven kan er ook voor zorgen dat het kind zich beter gaat concentreren en het de volgende keer nog beter wil doen (Sonnevelt, sd).


